‘De Dragers van het Beeld’ / ‘The Carriers of the Image’ – 7 – Sri Irodikromo

De Dragers van het beeld, in English: The Carriers of the Image, is an art exhibition that was held in the foyer of Theatre Thalia, from April 28 until May 7, 2017. It was part of the celebration of 180 years Theatre Thalia. Eight visual artists worked with the theme of death, and more: resurrection from death, new life …

Kit-Ling Tjon Pian Gi wrote a series of columns that we will be sharing on the SAX-blog. Today part 7, a text that accompanied the art work of Sri Irodikromo. Please find the Dutch text under the English translation. 

Sri Irodikromo and ‘Baka Aiti Dey

Sri is the daughter of Soeki Irodikromo. She already worked in her father’s batik studio when she was a teenager. Throughout the years however, as she stepped out from under her father’s wing and went her own way, she developed her own style. She first studied Visual Arts at the Nola Hatterman Institute in Suriname and later continued her studies at ‘De Vrije Kunst Academie’ in The Hague, the Netherlands. There she specialized in the free graphic arts. While in the Netherlands she always remained inspired by Surinamese subjects. After ten years in the Netherlands she returned to Suriname in 2005.

Women have been an important source of inspiration for Sri, for many years now. Initially her interest went out to dancers from the different Surinamese cultures. Then she created a series about ‘Kotomisis’ [Surinamese women in traditional creole dress], and in the last few years Sri has been especially inspired by Maroon women.

It was therefore rather logical that Sri chose the mourning process of the Maroons, focusing primarily on the women’s role within that mourning process.

The winti religion is important in the death rituals of the Maroon people. According to this religion the soul returns to God after death, but the body remains on earth. In order for the transition from the earthly life to the afterlife to go well, the soul has to let go of the body and say farewell to the earthly existence in a fitting manner. The death rituals of the Maroons are therefore traditional winti transition rituals. In the work of Sri Mama Aisa takes a prominent place, because for many winti rituals it is first required to ask Mama Aisa‘s approval before the rituals can commence. She is therefore the highest deity in the winti prey.

An ailing Maroon husband is kept company by his wife during his sick bed. If it seems as though he’s about to die, the woman must leave his side. The wife will not attend the funeral either. The patient is never left alone in his last hours. He is surrounded by family. His wife is comforted by other female family members.

When the Maroon husband has passed away, friends and family come to his home. Everybody cries to express their grief, but they also sing, make music, tell stories about the deceased and they laugh. The bereaved cook and eat together. Sri’s interest is focused mainly on the woman who remains behind as a widow and who is comforted by other women. The apinti drum that is used for making music and the preparation of food for the joint meals, and the offerings are also important visual elements.

Sri’s installation, consisting of three canvases of approximately seven meters high, is monochrome, with hues ranging from white to blue-black. It is completely in line with the colors the woman has to wear until the ‘puu baaka’.

Dede oso (deadwake) are the ceremonies held on the evening before the funeral up until the early morning. Eight days after the funeral is ‘aiti dey’, a mourning ceremony that is comparable to the ‘dede oso’. The last ritual, signaling the end of the mourning period, is de ‘puru blaka’ (puu baaka) [removing the black]. This ceremony incudes several festivities. From that moment on the widow is allowed to wear bright colors again.

Sri Irodikromo, ‘Baka Ayti Dey’, mixed media on canvas, 70x700cm (x3), 2017 / PHOTO Ada Korbee, 2017

TEXT Kit-Ling Tjon Pian Gi, 2017

Kit-Ling Tjon Pian Gi is a female visual artist from Suriname. She works and lives in Paramaribo, Suriname, South America. Kit-Ling studied visual art in Suriname and in the Netherlands. In 2005 Kit-Ling Tjon Pian Gi added the short video-film as a medium to her artwork. Kit-Ling Tjon Pian Gi makes paintings and drawings, inspired by the tropical rainforest, and the richness of the diverse cultures in Suriname.

Kit-Ling was the featured visual artist at the 13th International Conference of the Association of Caribbean Women Writers and Scholars. This conference, The Caribbean, the Land and the People; Women’s Efforts, Women’s Lives, was held in Suriname, in May 2012. Kit-Ling was the recipient of the Bridget Jones Award for 2013.

TRANSLATION Cassandra Gummels-Relyveld, 2017

PHOTOGRAPHY Ada Korbee & Marieke Visser, 2017

+++

‘De Dragers van het Beeld’ / ‘The Carriers of the Image’ – 1 – Introduction

‘De Dragers van het Beeld’ / The Carriers of the Image – 2 –  Kit-Ling Tjon Pian Gi

‘De Dragers van het Beeld’ / The Carriers of the Image – 3 –  Winston van der Bok

‘De Dragers van het Beeld’ / The Carriers of the Image – 4 –  Razia Barsatie

‘De Dragers van het Beeld’ / The Carriers of the Image – 5 –  Soeki Irodikromo

‘De Dragers van het Beeld’ / The Carriers of the Image – 6 –  Dhiradj Ramsamoedj

‘De Dragers van het Beeld’ / The Carriers of the Image – 7 –  Sri Irodikromo

‘De Dragers van het Beeld’ / The Carriers of the Image – 8 – Anand Binda 

‘De Dragers van het Beeld’ / The Carriers of the Image – 9 –  George Struikelblok

+++

Sri Irodikromo en ‘Baka Aiti Dey‘ 

Sri is de dochter van Soeki Irodikromo. Als tiener werkte ze al in het batik atelier van haar vader. Door de jaren heen ontwikkelde zij haar eigen stijl door niet onder de hoede van haar vader te blijven, maar haar eigen weg op te gaan. Ze doorliep eerst de opleiding Beeldende Kunst aan het Nola Hatterman Instituut en vervolgde haar studie aan De Vrije Kunst Academie in Den Haag, Nederland. Daar specialiseerde zij zich in de vrije grafische kunsten. In Nederland is ze altijd geïnspireerd gebleven door Surinaamse onderwerpen. Na tien jaar Nederland kwam ze dan ook in 2005 terug naar Suriname.

De vrouw is al jaren een belangrijke inspiratiebron voor Sri. Eerst waren het voornamelijk danseressen uit de verschillende culturen in Suriname. Vervolgens werden het series van Kotomisi’s. De laatste jaren zijn het vooral de Marronvrouwen die Sri inspireren.

Het is daarom bijna van zelfsprekend dat Sri koos voor de rouwverwerking bij de Marrons waarbij haar interesse in het bijzonder ligt bij de plaats van de vrouw binnen het rouwproces.

De wintireligie is belangrijk in de doodsrituelen van de Marrons. Volgens deze religie gaat na overlijden de ziel terug naar God en blijft het lichaam op aarde. Om de overgang van het aardse leven naar het hiernamaals goed te laten verlopen, moet de ziel van een overledene loskomen van het lichaam en op een goede manier afscheid nemen van het aardse bestaan. De doodsrituelen bij de Marrons zijn daarom traditionele winti overgangsrituelen. In het werk van Sri neemt Mama Aisa een prominente plaats in omdat bij veel wintirituelen eerst om Mama Aisa’s goedkeuring wordt gevraagd, voordat men het ritueel voortzet. Ze is daarom de hoogste god in de winti pre.

Een zieke Marron wordt tijdens zijn ziekbed gezelschap gehouden door zijn vrouw. Als de zieke dreigt te overlijden moet de vrouw hem verlaten. De vrouw zal ook niet de begrafenis bijwonen. In zijn laatste uren wordt de zieke nooit alleen gelaten. Hij is hij omringd door zijn familie. Zijn vrouw wordt getroost door andere vrouwelijke familieleden.

Als de Marron overleden is, komen familie en andere nabestaanden naar zijn huis. Iedereen huilt om het verdriet te uiten, maar men zingt ook, maakt samen muziek, er worden anekdotes over de overledene verteld en er wordt gelachen. Er wordt samen gekookt en gegeten. De vrouw die als weduwe achterblijft en wordt getroost door andere vrouwen, heeft de aandacht van Sri. De apintidrum die wordt gebruikt bij het maken van muziek en het bereiden van voedsel voor de gezamenlijke maaltijden en offers zijn eveneens belangrijke beeldelementen.

De installatie van Sri, bestaande uit drie doeken van ongeveer zeven meter hoog, is monochroom met tinten uiteenlopend van wit naar donker blauwzwart. Het is geheel in overeenstemming met de kleuren die de vrouw moet dragen tot aan de puu baaka.

Dede oso (dodenwaken) zijn de ceremonies die op de avond voor de begrafenis tot in de ochtend worden gehouden. Acht dagen na de begrafenis volgt de aiti dey, een rouwbijeenkomst die vergelijkbaar is met de dede oso. Het laatste ritueel waarmee de rouwperiode wordt afgesloten, is de puru blaka (puu baaka). Deze rouwopheffing gaat ook gepaard met allerlei festiviteiten. De weduwe mag dan weer felle kleuren dragen.

Advertisements

Leave a Reply

Fill in your details below or click an icon to log in:

WordPress.com Logo

You are commenting using your WordPress.com account. Log Out / Change )

Twitter picture

You are commenting using your Twitter account. Log Out / Change )

Facebook photo

You are commenting using your Facebook account. Log Out / Change )

Google+ photo

You are commenting using your Google+ account. Log Out / Change )

Connecting to %s